Zes maanden in een blog

Oh wat was ik zenuwachtig de laatste dagen voor mijn vertrek! Twee jaar had ik er over gedroomd naar India te gaan en nu was het eindelijk zo ver. Ik ben voor bijna zes maanden naar India gegaan om vrijwilligerswerk te doen, rond te reizen en meer te leren over India.
Sunrise Academy
Ik begon mijn reis in Sikkim, een klein bergstaatje in het noorden van India dat grenst aan Nepal, Tibet en Bhutan. Daar heb ik vijf weken in een afgelegen bergdorpje gewoond om vrijwilligerswerk te doen voor de Sunrise Academy (http://www.sunriseacademysikkim.com/); een schooltje met 149 leerlingen van twee tot dertien jaar. De eerste 1,5 week heb ik klas 2 tot met 5 onderwezen in Engelse grammatica; de kinderen waren erg gedisciplineerd en geïnteresseerd dus het was leuk om ze les te geven. Daarna begonnen hun jaarlijkse toetsen (alle kassen kregen een toets van elk vak) dus heb ik negen dagen geholpen met surveilleren. Vervolgens hadden de kinderen tien dagen ‘cultural practice’; dat was het repeteren van dansjes en rijmpjes voor de laatste schooldag waarop het hele dorp naar de optredens kwam kijken. In die dagen hebben Brandt (een andere vrijwilliger, USA) en ik met tien kinderen een Bollywood versie van Romeo en Juliet gemaakt. Ik ben nog steeds enorm trost op mn leerlingen want ze hebben, zonder enkele acteer ervaring,  in zeer korte tijd leren spelen en een stuk neerzetten. Bovendien hebben ze hun angst overwonnen liefdesscenes te spelen en op toneel te huilen. 
Beginnen met reizen
Na een prachtige tijd in Begha heb ik de veiligheid van een bekende omgeving en lieve mensen opnieuw achter me moeten laten en ben ik gaan reizen. De eerste stop was Gangtok, de hoofdstad van Sikkim, waar mooie boeddhistische kloosters te zien zijn. Vervolgens ging ik naar Darjeeling; een stadje in de bergen waar de beste thee ter wereld vandaan komt. Een jeep- en treinreis van ongeveer 28 uur bracht me naar de volgende bestemming: Bodh Gaya. Dat is een belangrijke plek voor het Boeddhisme omdat Buddha daar jaren vastend in een grot heeft doorgebracht en zich toen besefte dat dat hem niet tot verlichting zou brengen. Toen is hij naar een boom gelopen, de mahabodi tree, waar hij is gaan mediteren en verlicht is geworden. De nakomeling van die boom staat er nog steeds en er is een tempel bij gebouwd. Het was een hele bijzondere plek met een serene sfeer ook al was het ontiegelijk druk.
Uttar Pradesh en Madhya Pradesh
Toen ben ik doorgereisd naar Varanasi; een stad aan de rivier Ganges die ‘ouder is dan de beschaving’ en misschien wel de meest heilige plek van India. Ik heb enorm genoten van het Indiase dagelijks leven dat overal langs de rivier te zien was, de kleine steegjes met wegversperrende koeien en bovenal  een bootritje waarbij ik een bad heb genomen in de Ganges. En ik werd niet eens ziek. Op oudejaarsavond ben ik met een paar andere reizigers met de trein naar Khajuraho gegaan. Het feestje in de trein was zeer beperkt omdat iedereen behalve ik moe was, maar de dagen erna hebben we het erg gezellig gehad. In Khajuraho zijn hindu en jain tempels uit de 10e en 11e eeuw met zeer explicite erotische beelden en reliefen. Ook hebben we een auto gehuurd om een fort te bezoeken. Door het gebrek aan andere toeristen en de dikke mist was het een haast griezelige plek. Daarna ben ik doorgereisd naar Agra, de plaats waar de wereldberoemde Taj Mahal staat. Dat was een beetje een tegenvaller omdat het in de ochtend zo mistig was dat ik niets kon zien en in de middag was het druk. Maar toch: er zit wel een kern van waarheid in dat de rough guide zegt ‘simply the world’s greatest building’. 
Rajasthan
In de bus van Agra naar Jaipur heb ik Victor ontmoet; een jongen uit Mexico die couchsurfend de wereld over reist. Hij heeft me enthousiast gemaakt voor couchsurfing (een website waarmee je logeerplekken over de hele wereld kunt regelen) en me aan m eerste couch geholpen in Amer; een dorp naast Jaipur. Het was geweldig om bij een Indiase familie te verblijven en vrienden voor het leven te maken (hopelijk). Zie een voorgaand blog. Tussendoor ben ik een dagje naar Pushkar gegaan; een erg heilig wit dorpje rondom een meer. De reis erheen was best wel een avontuur aangezien ik een probleempje kreeg met de politie. Mijn trein had een vertraging van drie uur (de NS functioneert eigenlijk prima) dus was ik in een andere trein naar dezelfde plaats gestapt en dat is in India dus niet toegestaan (je kaartje is niet voor een bepaalde route maar een bepaalde trein). De kaartjes controleur wilde me een hoge boete geven die ik niet vertrouwde dus ik heb hem gezegd dat ik pas wilde betalen nadat ik met de politie gesproken had. Toen ik aankwam stonden een stuk of zes politieagenten met hun geweren al klaar. Ik heb twee uur gepraat met de ‘station master’ in de hoop me vrij te pleiten maar uiteindelijk moest ik toch betalen, en zelfs nog meer dan de kaartjes controleur me wilde rekenen. Ik heb het later uitgezocht en ik blijk veel te veel betaald te hebben; afgezet door de politie… Na meer dan een week zijn Victor en ik verder gereisd naar jaisalmer; een kleine stad in de woestijn die de Golden city wordt genoemd omdat alles gemaakt is van goudgele zandsteen. Daar heb ik een safari gedaan: twee dagen op een kameel door de woestijn rijden en een nacht in het zand slapen onder een adembenemende sterrenhemel. Ook ben ik daar bevriend geraakt met een van de gidsen; Dala is een hele intelligente en  zorgzame jongen en het is heel bijzonder met hem om te gaan omdat zijn achtergrond zo compleet anders is dan de mijne. Hij is van de untouchables kaste, analfabeet, komt uit een klein woestijn dorpje en is nog nooit verder dan jaisalmer geweest, weet niet waar Rusland ligt en voor hem draait alles om kamelen. Daarna ben ik naar Jodhpur (the blue city omdat het oude deel blauw geverfd is) gegaan; een plaats met het mooiste fort van Rajasthan (naar mijn mening dan). 
Hindi in Udaipur
Daarna ging ik naar Udaipur waar ik vier weken gebleven ben om me op mn Hindi te kunnen concentreren. Ik had een kamer gehuurd voor 1,50 euro per dag waar ik echt mn eigen plekje van gemaakt heb. Ook in de tuin voelde ik me thuis, alleen moest ik uitkijken voor de bijtende schildpad. Udaipur is een mooie stad aan een meer, maar wel erg toeristisch. Toch vond ik het fijn er lang te blijven omdat ik dan precies weet waar de lekkerste taartjes, de goedkoopste bananen en de enige cocktails te krijgen zijn. In de vier weken heb ik nog twee uitstapjes gemaakt: vijf dagen naar Amer om mn vrienden weer op te zoeken en twee dagen naar Jaisalmer om samen met Dala van het desert festival te genieten. Ook heb ik in Udaipur Amar ontmoet die me meteen uitnodigde voor zijn bruiloft. Daar ben ik drie avonden achter elkaar naar toe geweest en dat was een geweldige ervaring (lees meer in mijn vorige blog). Op die bruiloft ontmoette ik Amanda (een meisje uit Bordeaux die op wereld reis was) met wie ik daarna vrijwel elke dag heb opgetrokken; erg gezellig!
West India
Toen ik mijn reis weer hervatte heb ik eerst Ahmedabad bekeken, het was heel indrukwekkend een absoluut niet toeristische stad te zien ontwaken. Ook heb ik daar de plek bezocht waar Gandhi het grootste deel van zijn leven heeft gewoond. Daarna ben ik doorgereisd naar Aurangabad om de Ellora en Ajanta caves te bezichtigen. Dat zijn twee plekken met vele eeuwenoude boeddhistische, hindoeïstische en jainistische tempels. Vervolgens ben ik naar Mumbai gegaan waar ik meteen de eerste dag kon figureren in een Bollywoodfilm. De film heet Race 2 en komt als het goed is bijna uit. We filmden een vechtscene en ik was publiek en moest de hele dag wachten en juichen. Het was best wel saai, maar toch leuk om meegemaakt te hebben. Ook heb ik in Mumbai twee Finse jongens ontmoet: Harri en Tomi. Samen met Harri ben ik naar Daharavi, de grootste sloppenwijk van India, geweest. Het heeft mijn beeld over sloppenwijken echt veranderd; de omstandigheden waren stukken minder slecht dan ik me had voorgesteld en de mensen waren super lief! Een kapper bood ons een trekje van zijn waterpijp aan en een klein meisje drukte een snoepje in mn hand en zei: “Enjoy the chocolate!”. Het eerste kind dat chocola geeft in plaats van vraagt. Na Mumbai ging ik naar Hampi; een heerlijk rustig dorpje te midden van een prachtig surreëel landschap met gigantische goudbruine rotsblokken, een spookstad en rijstvelden omlijnd met palmbomen. Daar heb ik in de rivier gezwommen en in een modderhutje geslapen. Daarna ben ik naar Goa gegaan, dat is een oude portugese kolonie en tegenwoordig de plek in India om vakantie te vieren aan het strand. Puur toevallig kwam ik daar Harri en Tomi weer tegen! Het was heerlijk om vijf dagen samen te genieten van de zon, de zee, het strand, de geBBQ’de vis en de cocktails. 
Holi en reizen met Arend
Toen ben ik naar Jaipur gevlogen om in Amer holi te vieren met mn vrienden. Holi is absoluut het leukste feest uit de Indiase cultuur! Het is heel leuk om elkaar te begooien met gekleurd poeder en water en daarna het traditionele drankje te drinken: melk met rozensmaak en bhang (een plant die een soortgelijk effect als wiet zou moeten hebben, maar ik voel er niks van). Mijn volgende vlucht bracht me naar Bangalore om Arend te ontmoeten die daar net was aangekomen. We hebben toen in het zuiden van India samen gereisd en dat was enorm gezellig! Als eerste zijn we naar Mysore gegaan waar een mooi paleis te zien was en we ook een zijde fabriek hebben bezocht waar veel lieve mensen werkten die ons alles hebben uitgelegd. Daarna zijn we naar Kerela gegaan; een oud communistische staat waar het communisme nog steeds merkbaar is (heel hoog percentage alfabetisme, goede kansen voor vrouwen, alcohol alleen verkrijgbaar in government shops en overal communistische vlaggen). Daar hebben we Kochi bezocht; een stadje aan het water met Chinese visnetten (hefboom achtige netten, we hebben de vissers geholpen met binnen halen) en verse vis die je kunt kopen en dan door een restaurantje laten klaarmaken. Ook hebben we daar traditionele vechtkunst en theater bekeken. Daarna zijn we naar een ander stadje gegaan: Allepuzza. Daar hebben we zowel met een twee persoons kano als met een ferry de backwaters bekeken. Dat is een uniek natuurgebied en een van de mooiste dingen die ik in India gezien heb. Het is een netwerk van waterwegen (groot en klein) tussen de zee en het land. Op de kleine stukjes grond leven mensen in kleine hutjes en bedrijven ze landbouw en visserij. 

Tamil Nadu
Kanyakumari is het aller zuidelijkste puntje van India. Het is een beroemde plek voor de zonsopgang die je over drie wateren kunt zien:  de Arabische zee, de Indiase Oceaan en de Bay of Bengal. De volgende stad was Madurai waar een groot en kleurrijk tempelcomplex is. Elke avond wordt het beeld van de god met veel rituelen naar bed gebracht; dat was erg leuk om te zien. Daarna zijn we naar Pondicherry gegaan; dat is een oude franse kolonie waar een hele ontspannen sfeer hangt. Wij hebben dan ook voornamelijk genoten van de rust en de zee. Vervolgens hebben we Mahabalipuram bekeken waar indrukwekkende beeldhouwwerken en reliefen te zien zijn, die zijn eeuwen geleden neergezet enkel voor de kunst (dus niet voor een tempel of een rijke opdrachtgever). De hoofdstad van Tamil Nadu is Chennai; een hete (46 graden), drukke en stinkende stad. Maar we hebben er wel heerlijk Zuid-Indiaas gegeten.
Kolkata en terug naar de leukste plekken
Kolkata vond ik een hele fijne stad: er was een goed werkende metro, buurten waar helemaal geen westerse invloed te merken is, mooie gebouwen die de Britten hebben achter gelaten en men aanbid Kali (ook mijn favoriete hindu godin). Na Kolkata zijn Arend en ik apart verder gereisd. Ik ging voor een paar dagen terug naar Sikkim om iedereen in Begha  weer te zien. Het was een grote verrassing voor iedereen! En het was voor mij een leuke verrassing dat mijn lievelingskindjes, Surya (3) en Kushal (2), me nog herkenden! En Sikkim zou Sikkim niet zijn als ik niet weer een reusachtige spin in mn kamer zou hebben…
Daarna heb ik een 36 uur durende treinreis gedaan om naar Amer te komen. Daar heb ik weer een week met mn vrienden doorgebracht tot ik naar Delhi ging om Arend weer te zien en samen door te reizen naar Chandigarh.
Het noorden
Ik had mijn backpack achter gelaten in Delhi en ben verder gereisd met alleen mijn rode tas (die die ik altijd bij me heb ;-) ); het was heerlijk om zo licht te reizen! Chandigarh is een stad die ontworpen is door le Corbusier en dus heel logisch en totaal niet Indiaas is. In Mysore hadden we een familie uit Chandigarh ontmoet die we opgezocht hebben. Zulke lieve mensen! Vervolgens zijn we naar het noorden gereisd naar Dharamshala; de woonplaats van de Dalai Lama en ook een plek waar veel Tibetanen naar toe gevlucht zijn. Het was een mooi plaatsje met prachtige bergen en een mooie Boeddhistische tempel, maar ik kon de kou niet goed verdragen (20 graden voelde als heel koud, wordt nog wat in Nederland…). De volgende plek was Amritsar waar we gratis (maar met donatie) geslapen en gegeten hebben bij de Gouden tempel, een Sikh tempel of Gurdwara. Het was een hele mooie tempel en ik heb me nog nooit zo welkom gevoelt op een heilige plek. Ook zijn we aan het eind van de middag naar de grens met Pakistan gegaan (ongeveer 20 km) om de grens ceremonie te zien waarbij met veel gedoe de grens voor de nacht gesloten wordt. Het was heel grappig om te zien hoe nationalistisch de Indiërs waren, de Pakistanen gedroegen zich veel normaler en speelden betere muziek. Daarna zijn we weer een middagje terug geweest naar Chandigarh om die familie nog een keer op te zoeken voor we in Delhi zouden zijn. De afgelopen dagen hebben we Delhi, de hoofdstad, bekeken. Een record aantal Unesco world heritage sites in een paar dagen! 
Weer terug naar Nederland
Dit zijn mijn laatste uren in India en daar voel ik me heel raar bij. Ik heb zo veel prachtige dingen meegemaakt, geweldige mensen ontmoet, voor mezelf leren zorgen, nog nooit zo veel geleerd in een half jaar. Ik hou van India en ga het vreselijk missen, dat weet ik nu al. Toch heb ik ook zin weer naar huis te gaan. Ik verheug me er op iedereen weer te zien (in het bijzonder meri behen), weer te kunnen eten zonder last van mn maag te krijgen, weer in comfort te leven, mn schoenen weer te zien, weer over straat te kunnen zonder als een beroemdheid behandeld te worden, vreemde mensen weer te vertrouwen en me weer met politiek bezig te gaan houden. Weer terug naar Nederland gaan voelt bijna net zo eng als op het vliegtuig stappen naar India. Het engste vind ik dat is waarschijnlijk nooit meer zulke ultieme vrijheid als het afgelopen jaar mee zal maken. Ook vrees ik voor een reversed culture shock… Maar het sterkst aanwezige gevoel is trots: ik ben als achttienjarig meisje alleen een half jaar naar het chaotische India gegaan om mijn droom in vervulling  te laten gaan. Het was een grote sprong en de reis was niet altijd even makkelijk, maar ik heb het volgehouden en ik heb er van genoten. I MADE IT!

Trouwen in India

Maak je geen zorgen; ik ben niet getrouwd in India ;-) Ik schrijf dit blog over trouwen in India omdat ik de manier waarop men hier tegen liefde en het huwelijk aankijkt erg interessant vind. En ook omdat het bezoeken van Indiase bruiloften tot mijn beste India-ervaringen behoort.

Trouwen is van extreem groot belang in India. Als single boven de 30 wordt je niet voor vol aangezien dus optijd de juiste partner vinden is erg belangrijk. De bruiloft is het grootste event van je leven, kosten noch moeite worden gespaard om er een onvergetelijk feest van te maken. Ik heb het geluk gehad drie bruiloften mee te maken in Rajasthan, waar ze het meest over the top zijn.

Tegenwoordig komen zowel liefdeshuwelijken als gearrangeerde huwelijken voor in India, maar de laatste toch nog steeds het meeste. In opgeleide families gaan de ouders op zoek naar een bruid of bruidegom wanneer hun zoon of dochter tussen de 22 en 30 is (meisjes dichter bij 22, jongens dichter bij 30). Er wordt gekeken naar de opleiding en carriere kansen van de aanstaande, het geloof, de kaste en de leefgewoonten van de familie, en ook de sterren zijn van belang. Die moeten eigenlijk matchen bij het nieuwe koppel, maar als de rest goed is wordt er wel eens met de geboorte data gesjoemeld om de sterren een handje te helpen. 

Als de families het eens zijn over de match mogen de jongen en het meisje elkaar ontmoeten. Na een meeting met de families erbij zonderen de jongeren zich voor een kwartier a half uur af om te praten. Aan de hand van dat ene gesprek moeten ze besluiten of ze de rest van hun leven met elkaar door willen brengen. Als dat het geval is gaan het koppel op een stuk of vijf dates om elkaar beter te leren kennen voor ze echt gaan trouwen. ‘To tie the knot’ wordt dat hier genoemd (lees verder voor uitleg)

Trouwen kost geld, veel geld. Vooral de familie van de bruid moet zich dikwijls in de schulden steken om aan alle financiele verplichtingen te voldoen. Raju’s (zie mijn vorige blog) zus is afgelopen November voor een miljoen rupees getrouwd. Dat is ongeveer 15500 euro; een hoop geld als je leeft van de verkoop van buffelmelk en buffelpoep. Dit soort dingen moeten betaald worden: uitnodigingen (10 rupees per kaart tikt wel aan als je 3000 mensen uitnodigt), kleding en juwelen ( een bruidsjurk, altijd rood, en echt goud kosten een fortuin), de locatie (er moet een grote tuin gehuurd worden), de catering (bruiloft eten is geweldig!), een camera ploeg (alles wordt vereeuwigd)  en een bruidsschat (eigenlijk illegaal maar het gebeurt nog overal. De familie van de bruidegom krijgt geld en het nieuwe stel meubilair, apparaten en soms een auto).

De bruiloft duurt drie dagen. Op de eerste dag organiseren de bruid en bruidegom allebei appart een feestje voor naasten waarop veel gedanst wordt (voornamelijk door de vrouwen). De tweede dag is het belangrijkste want dan vinden alle rituelen plaats. De bruid en bruidegom bereiden zich allebei in hun eigen huis voor. Dan trekt de bruidegom met een hele stoet naar de wedding garden (die is meestal dicht bij het huis van de bruid). De bruidegom gaat op een versierd wit paard met zijn familie en vrienden al dansend voor hem uit (bij sommige kastes mogen vrouwen niet mee lopen). Dit vindt plaats om een uur of 8 ‘s avonds dus ze worden bijgelicht door arme kinderen en oude vrouwen die lampen dragen. Het schrijnende contrast tussen de rijkdom van de feestende mensen en het zware werk van deze levende lantaarnpalen vind ik altijd heel moeilijk om te zien.

In de rijkelijk versierde tuin wachten de gasten geduldig op de komst van de bruidegom en dan de bruid. Ondertussen worden ze vermaakt door de overdaad aan heerlijk eten die te krijgen is. Er is altijd een lopend buffet met verschillende gerechten (allemaal indiaas) en de broden worden vers voor je gebakken. Ook zijn er allerlei kleine stalletjes met snacks zoals noodles (zijn ze hier dol op). Maar geen alcohol want dat horen hindu’s niet te drinken (ze doen het wel hoor alleen niet met de hele familie erbij).

De bruid en bruidegom gaan allebei het podium op om, onder luid gejuich van de familie, elkaar bloemenkransen om te doen. Dan gaat het stel naar een rustigere plek waar alle belangrijke rituelen worden uitgevoerd. Alleen naaste familie en vrienden zijn hier bij (ik heb het geluk gehad het een keer front row mee te maken). De bruid en bruidegom zitten naast elkaar terwijl de priester gebeden zegt en een vuur maakt. Dan worden de bruid en bruidegom met een hand aan elkaar vastgebonden (vandaar ‘to tie the knot’) en lopen ze zeven rondjes om het vuur. Vier met de bruid voorop voor haar beloften en drie met de bruidegom voorop voor de zijne. Dan geeft hij haar een ketting en doet rood poeder op haar voorhoofd ( een streepje op de grens met de haarlijn bij de scheiding), het teken dat een vrouw getrouwd is.

De volgende dag organiseert de familie van de bruidegom een receptie voor kennissen (de daadwerkelijke bruiloft is meer voor kennissen van de bruid). Dat is weer een groot feest in een versierde tuin met heerlijk eten. Ik ben dol op Indiase bruiloften!

En even wat heel anders: over 2,5 week kom ik al weer naar Nederland!

Amer

Vier maanden, twee weken en een dag; zo lang ben ik al in India. Dat is genoeg tijd om smoorverliefd te worden op het land, hier nooit meer weg te willen en vervolgens toch stiekem wel weer zin te krijgen om naar huis te gaan. Nog vier weken en vijf dagen en dan ben ik weer in Amsterdam.
Sinds mijn laatste blog heb ik zo ongelooflijk veel meegemaakt dat ik dat met geen mogelijkheid in een blog kan proppen. Daarom ga ik proberen de komende tijd regelmatig korte (ookal is kort van stof zijn niet echt mijn kern kwaliteit) stukjes over de hoogte punten van mijn tijd in India te plaatsen. Vandaag de eerste…
Direct nadat ik mijn laatste blog heb geschreven heb ik de bus gepakt naar Amer, een dorp 12 km van Jaipur in Rajasthan gegaan, om te gaan couchsurfen (een manier van reizen waarbij je mensen via de website couchsurfing.org benadert om een paar nachtjes bij ze op de bank te slapen en vervolgens stel je jouw bank beschikbaar als je weer thuis bent). Dat heeft een stempel gedrukt op mijn hele India reis. Ik heb daar een geweldige tijd gehad, goede vrienden gemaakt en heel veel geleerd over het dagelijks leven in India.
Victor (26, Mexico, chemical engineer, round the world trip, houdt van: koken, films, ansichtkaarten, Amy Winehouse en mannen) heb ik op de bus van Khajuraho naar Agra ontmoet. Hij heeft me enthousiast gemaakt voor couchsurfing waardoor ik samen met hem in Raju’s (23, studeert Frans, niet religieus, erg behulpzaam en zorgzaam) huis in Amer ben beland. Hij woont samen met zijn moeder (ze denkt dat ze 45+ is maar weet het niet, analfabeet, leeft van de melk en poep van haar vijf buffels die ze verkoopt, hele mooie sterke vrouw met Indiaas temperament) in een huis dat rondom een binnenplaatsje gebouwd is (een groot deel van het leven in India speelt zich immers buiten af). Er is een keuken met water uit de kraan, een gasfornuis en heel veel kruiden. Daarnaast zit een kleine huis tempel en er tegenover is de woon/eet/slaap/studeer-kamer. Er is een hurktoilet (ik vermoed dat Indiase mensen dat fijner vinden en het is bovendien veel hygiënischer) en een badkamer zonder douche maar met een grote emmer en een klein bakje. Ook is er een grote kamer met drie bedden voor couchsurfers. In de achtertuin staan de buffels en op het platte dak ligt de buffelpoep te drogen om vervolgens als brandstof verkocht te worden.
Een paar straten verderop woont Ankur (23, studeerde geschiedenis en politicologie, wil tour guide in Rajasthan worden maar wacht al 8 maanden op de uitslag van het sollicitatie gesprek, spreekt Spaans, brahmin (hoogste kaste en enige die priester mag worden), gaat elke ochtend naar de tempel om Krishna te vereren), een vriend van Raju met wie we ook veel hebben opgetrokken.
Ik heb zo’n goede tijd gehad in Amer, ik denk dat het misschien wel mijn mooiste India ervaring is. Het was heerlijk om Jaipur te zien met uitleg van locals, naar een hindi film te gaan die voor me vertaald werd, meegenomen te worden naar locale eettentjes die de lonely planet nog niet gevonden heeft, ‘s avonds op het dak de sterren te bewonderen en stiekem te drinken (alcohol is not done voor jongeren in India), de bergen in te lopen om te picknicken op de bodem van een opgedroogd meer, te genieten van het formidabele uitzicht vanaf de eeuwenoude verdedigingsmuren (van amber fort) die kilometers over de bergtoppen lopen, geholpen te worden bij het shoppen zodat ik locale prijzen kreeg, boodschappen te doen op de markt voor het heerlijke eten dat Raju’s moeder klaar maakte, meegenomen te worden naar een bruiloft (waarover in een volgend blog meer), en het leukste: leren vliegeren en het vliegerfestival vieren.
Alle jongens (en sommige grote jongens van 40 ook nog wel) zijn dol op vliegeren, het is een opvallend aspect van de cultuur in Jaipur. Iedereen heeft een plat dak waar men op gaat staan om te vliegeren. Vliegers, gemaakt van vrolijk gekleurd papier, kosten slechts vijf rupees (8 eurocent); vliegertouw met minuscule glasscherfjes erop is een stuk duurder. Dat touw dient om andere vliegers los te snijden. Het is een ware sport om zoveel mogelijk vliegers te doden. Op het vlieger festival heb ik een paar vliegers van de buren afgesneden zonder dat ik het door had (zo weinig snap ik dus van vliegeren). Maar mijn vrienden waren reuze trots op me. En blijkbaar was het haast een schande voor de buurmannen dat ze losgesneden waren door een meisje. Toen ik mijn vrienden zei dat dat impliceert dat meisjes niet goed kunnen vliegeren waren ze het gelukkig wel met me eens dat dat geen goede zaak was. Vrouwen vliegeren hier eigenlijk alleen op het vliegerfestival, de rest van het jaar niet.
Het was heel jammer om na meer dan een week Amer te verlaten, maar daarna ben ik er nog twee keer terug gekomen en vlak voordat ik weer naar Nederland vlieg ga ik er nog een keer heen. Ik hoop dat onze vriendschappen nog veel langer stand zullen houden. Zoals Raju me een paar dagen geleden sms’te: “Relationship is like a Violin, music may stop now & then, but strings are attached forever. So if u b in touch or not, u r always remembered.” :-)

Het begin van een lange reis

Wat is er een hoop veranderd sinds de laatste keer dat ik een blog postte. Ik ben aan mijn rondreis begonnen, heb de (relatief) rustige bergen ingewisseld voor het overweldigende Noord-India, en ben gewend geraakt aan de chaos. En nu besef ik me minstens eens per dag: ‘I’m living my dream!’

De eerste paar dagen nadat ik Sikkim verlaten had waren best lastig. Ik vond het behoorlijk eng om nu echt te gaan reizen en ik was heel bang om alleen te zijn. Nu heb ik daar geen last meer van. Reizen bevalt me goed en ik ontmoet zo veel geweldige mensen dat ik zelden alleen ben. Ook ben ik er inmiddels helemaal aan gewend om India om me heen te hebben: altijd en overal geluiden (moet mn telefoon altijd op luidspreker zetten en tegen mn oor aan houden om het te kunnen verstaan), nooit onopgemerkt zijn (iedereen wil wat van je, iets verkopen of simpelweg aandacht van een blanke), koeien die je de weg versperren, apen die je chapati (soort tortilla) stelen, vuilnis overal, mannen die elke muur voor een wc aanzien, straten die zo druk zijn dat het minstens een minuut duurt om met gevaar voor eigen leven over te steken, ongewassen kinderen die om eten vragen, smerige badkamers, electriciteit die constant uitvalt, geen douche maar een emmer heet water, afdingen bij alles wat je wil kopen, bijna geen vrouwen op straat, en ga zo maar door. Ik ben niet veel ziek geweest,  in deze twee maanden ben ik maar drie keer echt ziek geworden van het eten. Maar dat is meestal na een halve dag wel weer over.

Ik ontmoet zo veel geweldige mensen! Als ‘travellers’ onder elkaar bouw je heel snel een goede band. In Darjeeling ben ik op mn eerste avond gewoon op twee mensen afgestapt om bij ze aan tafel te gaan zitten. Dat was een goede keus want dankzij hen (Cat en Keiran uit Ierland) heb ik nu een stamcafe :-p in Darjeeling waar ik nog veel meer leuke mensen heb ontmoet. Daarna ging contact leggen heel makkelijk. Ik heb veel opgetrokken met: Pierre uit Parijs die ik in Varanasi opnieuw tegen kwam, May en Tom uit Thailand met wie ik van Darjeeling naar Bodh Gaya en daarna Varanasi ben gegaan, James (Washington DC), Chris (Canada) en Saskia (Nijmegen) met wie ik Varanasi gezien heb en daarna Khajuraho (en met James ook nog Agra) , en nu Victor uit Mexico met wie ik in Jaipur ben.

Het was wel gek om niet thuis te zijn met de feestdagen. Sinterklaas was ik vergeten (bedacht het me pas 6 dec) maar ik kreeg wel een pakje van thuis op 18 dec, kerstavond heb ik doorgebracht in mn stamcafe in Darjeeling, kerst dag in een jeep en een trein, oud en nieuw in een trein samen met James, Chris, Saskia, een appeltaart en een fles vodka, en mn verjaardag in een super de luxe hotel. Daar ben ik nu. Het is een prachtig paleis met lakeien die me als een prinsesje behandelen, koninklijke versieringen overal, een zwembad waar Victor en ik gister een duik in hebben genomen, een restaurant met life optredens (ik heb mee gedanst met de traditionele dans) en verschrikkelijk dure wijn, een schoon toilet, huge TV, een echte douche met een straal die als een massage voelt en een bed dat het onmogelijk maakt mijn kamer voor de check-out tijd te verlaten.

Contact met Indiers is helaas lastiger dan ik gedacht had. Met zo veel mannen op straat (vrouwen spreken me zelden aan) die iets van me willen, heb ik moeten leren me af te sluiten. Ik kijk niemand aan, zeg geen hallo terug en ben heel onbeleefd als ze me niet met rust laten. Aan het begin van mijn reis heb ik meer contact gemaakt. In Bodh Gaya ontmoette ik twee jongens met een motor die me allemaal tempels hebben laten zien, me een jeans kado deden op de ochtend van mn vertrek en die me nu regelmatig sms’en om good morning, happy new year en happy birthday te wensen. Hopelijk ontmoet ik vanaf nu weer meer Indiers met wie ik wel contact kan maken. Victor heeft me enthousiast gemaakt voor couchsurfing dus vanavond slaap ik bij Victors host Raju die me een verjaardags cadeautje heeft gegeven ookal kent hij me niet.

En dan nu heel beknopt de hoogtepunten van wat ik gezien en gedaan heb:

  1. Ik heb gezwommen in de Ganges in Varanasi. Toen we tijdens een boottochtje een relatief rustige plek vonden, dachten Chris en ik ‘het is nu of nooit’ en toen kozen we voor nu. In mijn panty en hemdje (geen bh :-s) ben ik het water in gegaan, zelfs kopje onder. De Indiers die daar ook waren vonden het hartstikke cool en hielpen ons met het ritueel voor het nemen van een heilig bad.
  2. In Bodh Gaya heb ik veel tijd doorgebracht rondom de Mahabodi tempel waar de boom staat waaronder Buddha verlicht werd. Het was een heel bijzondere plek ookal waren er veel te veel mensen. Een amerikaan die ik daar ontmoette heeft een blaadje van de boom gevonden en het aan mij gegeven J
  3. Eergister ben ik op de rug van een olifant naar Amber fort gewaggeld. Dat was heel leuk om te doen en het fort was ook erg mooi.
  4. De Taj Mahal.  James en ik waren om 5 uur opgestaan, hadden 750 rupees betaald (voor indiers slechts 20 rupees), hadden een half uur in de rij gestaan om te wachten tot de poort open ging en toen… was er zo veel mist dat we de Taj niet konden zien L. We hebben daar drie uur rondgehangen maar toen hadden we zo veel honger dat we weg zijn gegaan. Later die dag hebben we moeten smeken om nog een keer naar binnen te mogen. Zonder mist was het echt heel indrukwekkend. In mijn reisgids staat ‘simply the world’s greatest building’ en dat is waar.
  5. Ook in Darjeeling ben ik veel te vroeg opgestaan om zonsopkomst te zien op Tiger Hill. Het was heel mooi om de met sneeuw bedekte bergtoppen langzaam van kleur te zien veranderen.

Ik heb nu nog twee dagen in jaipur en daarna ga ik naar Pushkar, Jaisalmer, Jodhpur en Udaipur. In de laatste ga ik denk ik een maand blijven om me op mn hindi te kunnen concentreren. Waarschijnlijk gaat het weer een tijdje duren tot mn volgende blog want ik wil hier in india zo min mogelijk tijd achter een beeldscherm doorbrengen ;-)

Roos Gurung

De vorige keer dat ik een blog schreef is inmiddels een eeuwigheid geleden. Het internet op de school werkte namelijk niet. Op mijn eerste dag werd me verteld dat het  overmorgen gefixt zou zijn, maar we wachten nog steeds op ‘overmorgen’.

Na het schrijven van mijn laatse blog zijn de examens begonnen. Er waren toen geen lessen meer dus hadden Brandt (andere vrijwilliger, kwam een week later dan ik, 18 jaar, uitWisconsin) en ik alle tijd om te integreren in Begha. Ik hielp badji (opa) met mais van de kolven pellen, Brandt klom in bomen om de bladeren af te snijden voor de koeien en geiten. We zaten op de grond dicht bij het vuur tijdens het eten (ipv op het bankje achter het tafeltje dat speciaal voor bezoekers in de keuken stond) en leerden een paar woordjes Nepali ( de taal die men hier spreekt). De vijf belangrijkste woorden zal ik met jullie delen:mito= lekker, chiso = koud, tato = warm, namastee = hallo en ramro = mooi. We hebben sokken voor ons laten breien die een extra gat hebben voor je grote teen zodat je ze in slippers kunt dagen, iedereen draagt ze hier omdat het zo koud is. Ook hebben we ‘gum boots’ gekocht: gouden regenlaarzen. Iedereen lacht ons erom uit omdat ze alleen door mannen gedragen worden die zwaar werk doen op het land of in de jungle. Maar wij moesten ze perse hebben omdat ze zoooo Sikkimees zijn en ze zijn goud :-D .

Ik draag alleen nog maar Indiase kleding. Ik heb twee salwar kameez sets (wijde broek die pajama heet, a-lijn jurkje dat kurta/kurti heet en sjaal die chuni heet) en vier extra kurta’s dus er zijn vele combinaties mogelijk J Ook heb ik een sari, maar diekanik niet zelfstandig aantrekken. Bovendien heb ik wat sierraden en stickers voor op je voorhoofd die tika (nepali) of bindi (hindi) heten. Daarnaast ben ik in het bezit van een indiase telefoon. Mijn nummer is +919734924743. Mocht je me willen bellen, houd dan rekening met de 4,5 uur tijdverschil ;-) . En mijn nieuwe naam is Roos Gurung.

Brandt en ik deelden lief en leed met Begha. We zijn naar meerdere marriage parties geweest (niet de echte ceremonie maar het feest er omheen, het lijkt we alsof hier elke dag iemand trouwt) en hebben helaas moeten meemaken dat een van onze leerlingen overleed. Hij heette Anish en is 7 jaar geworden. Hij was thuis aan het spelen met zijn vriendjes en toen heeft hij luizengif gedronken in de veronderstelling dat het pepsi was. Zijn ouders hebben geprobeerd hem naar het dichtsbijzijnde ziekenhuis te brengen, maar daar was geen dokter die hem kon helpen. Daardoor moesten ze naar de dichtsbijzijnde grotere stad en dat is 2,5 uur rijden. Daar is hij in het ziekenhuis overleden. Anish’s dood heeft me erg aangegrepen, ik krijg kippenvel als ik er aan terug denk. Ik was wezen winkelen en kwam in een overvolle jeep (sort van ov) de berg op naar Begha toen Anish’s ouders de weg op kwamen rennen. Zijn moeder was heel erg in paniek en Anish hing bewusteloos op zijn vaders rug. Ik zal hem nooit vergeten.

Ook Suriya en Kushal zal ik nooit vergeten, mijn uberschattige buurkindjes die ook naarSunriseAcademy(school waar ik les gaf) gaan. Suriya is drie en Kushal is twee. Na mijn oppaskindje Isabel zijn het de leukste kinderen die ik ooit ontmoet heb. Ze zijn blij te maken met hele kleine dingen zoals een ballon of en kwart appel. Suriya begint altijd te stralen als ze me ziet, dan roept ze ‘miss!’ en begint te giegelen. Als ik mijn armen open rent ze naar me toe en geeft me een knuffel. Zodra Kushal ziet dat ik ergens ga zitten rent hij naar me toe om aan mn knieen te hangen of op mn schoot te klimmen. Het was heel erg lastig om afscheid van ze te nemen en ik mis ze nu al ongelooflijk veel.

Na de examens begon de ‘cultural practice’ voor Annual day ( de laatste dag van het schooljaar). Brandt en ik hebben met elf kids een bollywood versie van Romeo en Julia gemaakt. We hadden vier Romeo’s en Julia’s, Julia’s broer, de priester/wijze man en de boodschapper. Ook hadden we een paar figuranten voor de proloog en en de scene waarin Julia’s familie hun dochter schijndood aantreft. Het was best wel even stressen om in 9 dagen ( ongeveer een uur per dag, waarvan twee algemene acteerlessen) een stuk te maken met kinderen die nog nooit van theater gehoord hebben. Ik ben erg trots op mn leerlingen want ze hebben veel overwonnen. De eerste paar dagen was het absoluut onmogelijk om elkaar romantisch aan te kijken of te huilen zonder erbij te lachen. Het publiek was erg positief, maar ze hebben het al seen komedie ervaren ipv een tragedie. Blijkbaar vindt men het hier dolkomisch als iemand dood neervalt, dus wat dat betreft hadden we een goed stuk gekozen :-p

Tijdens mijn vijf weken in Begha heb ik twee uitstapjes gemaakt om mijn permit voorsikkimte verlengen. De eerste keer ging heel makkelijk en toen heb ik ook samen met Brandt Pemayangste monastery bezocht. Dat was erg indrukwekkend. Zo veel kleuren! Het verbaasde ons dat er heel veel erotische muurschilderingen waren. De meeste waren een soort demonen, maar er waren ook afbeeldingen van Buddha terwijl hij seks had. Voor de preutse hindu’s waren er gordijntjes over de afbeeldingen gehangen.

De tweede keer dat ik mn permit ging verlengen was het een stuk lastiger. Ik werd in het kantoor van de Super Intendent of Police uitgenodigd voor een kruisverhoor. Vrijwilligerswerk doen is illegaal dus heb ik verteld dat ik een homestay deed om me te verdiepen in de cultuur vanSikkim. Het verbaasde hem heel erg dat ik daar meer dan een maand voor nodig had. Hij dacht dat ik mensen tot het Christendom aan het bekeren was. Toen ik hem er van overtuigde dat ik niet gelovig ben heb k mn permit gekregen.

Nu ben ik in Gangtok (hoofdstad vanSikkim) in een hotel (ietsje boven mn budget) waar geen spinnen zijn en wel een warme douche, een echt matras en een zacht kussen J

Lees en word jaloers ;-)

Terwijl ik dit schrijf zit ik heerlijk van het zonneteje te genieten op het trapje voor mijn huisje (heb het later pas getypt). Voor me ligt de mais te drogen die ik gister samen met grootvader van de kolven heb gehaald. Rechts van me zie ik prachtige bergen en links van me zijn kinderen hun kleren aan het wassen in de beek. Ik zit hier, in de prachtige deelstaat Sikkim en ik heb het enorm naar mn zin.
De omgeving is werkelijk prachtig, ik kijk mijn ogen uit, elke dag weer. Ik hoop zo snel mogelijk foto’s te kunnen posten, maar ik durf het nog niet aan met dit internet.
De bergen zijn heel mooi groen en je ziet overal kleine gekleurde huisjes. Nu het helder is kun je zelfs de Kanchendzonga zien vanaf mijn huis. Dat is de derde hoogste berg van de wereld (meer dan 8 km) en die is uiteraard bedekt met eeuwige sneeuw. Echt prachtig! Als het ‘s nachts helder is kun je heel veel sterren zien, zelfs de melkweg is zichtbaar!
De eerste paar dagen was het weer niet zo fijn. We leefden letterlijk in een wolk dus je kon niet veel verder kijken dan 5m. Ook was het erg koud, en aangezien hier niet zoiets bestaat als verwarming of een kachel, was het echt overal koud, ook binnen. Mijn bed (drie dekens) was de enige warme plek, maar om nou de hele dag in bed te gaan liggen als je op een prachtige plek als deze bent… Nu is het al sinds vrijdag helder dus is het minder koud. Ik hoop dat het zo blijft J
Ik woon bij de familie Gurung. Ons huis is in upper Begha, wat betekent dat we bijna bovenop de berg wonen. Er zijn vier gebouwtjes die het huis vormen. De eerste is de keuken: een hutje gemaakt van klei, hout en gevlochten bamboo bladeren. De ramen hebben geen ruiten en de deur heeft geen deurklink, maar aan beide kanten zo’n schuifslot met een pen en een gat. Ik had me tot voorkort nooit gerealiseerd hoe gezegend we zijn dat iemand de deurklink heeft uitgevonden. Deze manier van deuren sluiten is zooo onpractisch! Als iemand naar binnen wil moet je de deur open gaan doen en als ie naar buiten wil moet je de deur weer dicht gaan doen. Als degene die de kamer verlaat de deur dichtdoet, sluit ie de anderen op…
Men kookt hier op een houtvuur in een kleien kookstel waar je bij moet hurken. Mn familie zit tijdens het eten ook op de grond bij het vuur. Voor mij en sommige andere gasten is er een houten bankje en een tafeltje. Naast de keuken is een gebouwtje met de badkamer (een kraam boven een tijltje en een plastic kan met gaatjes in de bodem) en de wc (zo’n hurk wc met een ton water en een kan als doortrek). Voor toilet bezoekjes is het best te doen, maar mn haar wassen is geen plezierige bezigheid omdat het verschrikkelijk koud is. Elke avond krijg ik een thermoskan met warm water om te drinken, maar die gebruik ik voor het wassen. Dan moet ik best wel zuinig zijn want ik heb maar 1,5 liter ;-)
Daarnaast staat een gebouwtje met drie slaapkamers. In de kleinste staat ook een tv. Een stukje verderop, iets naar beneden, is nog een klein houten huisje met twee berghokken en twee kamers voor gasten. Daar  is mijn plekje J. Mijn kamer is 2×2, gemaakt van donker hout, heeft een deur met van die onhandige sloten en een raam met drie ruitjes waarvan de middelste open kan. Ik heb een peertje (gloeilamp) aan het plafond hangen (meestal doet de electriciteit het wel) en een stopcontact die je met een knopje aan moet zetten. Ik heb een bed (als ik gestrekt lig met mn voeten tegen de rand is er nog drie cm ruimte boven mijn hoofd) met een matras dat 2 cm dik is, twee tafeltjes en een paar balken die ik als kast voor kleine dingetjes kan gebruiken. Ookal zijn er hier geen muggen heb ik toch mn klamboe opgehangen omdat die me ook tegen spinnen zal beschermen J
Mijn familie is heel erg lief en ze beschouwen me als hun dochter, dat zei mn ‘vader’. Hij spreekt redelijk goed engels en hij probeert mij wat woordjes Nepali bij te brengen. De vrouw des huizes spreekt amper engels dus die paar woordjes komen me goed van pas. Ze draagt altijd een lange jurk of rok en een westers vest. Ze heeft een paar sierraden die ze elke dag draagt en was erg blij toen ik haar een compliment gaf over haar nagellak. Ze hebben twee zoons waarvan de oudste (26) in het leger is. De jongste heet Gozen (spreek uit godzjing) en is 18. Hij doet nu zijn laatste jaar middelbbare school en wil daarna in het leger. Dat willen vrijwel alle jongens hier. Hij spreekt gelukkig wel erg goed engels. Hun neefje Neekosh (spreek uit niekas) woont bij hen om hier naar school te kunnen. Hij is nog maar 8 maar zijn engels is erg goed omdat hij altijd met de gasten praat. Hij vindt mn ipod en camera geweldig en hij vindt het ook leuk me te helpen met lesvoorbereidingen. Ik mag hem graag, maar wordt er soms wel een beetje moe van om hem constant om me heen te hebben. Sinds gister woont grootvader (84) ook bij ons. Die reist van zoon naar zoon. Mijn familie is niet zo heel rijk heb ik het idee. Ze leven vooral van wat ze zelf verbouwen en de ‘vader’ is een van de drie opzichters bij de bouw van een nieuw gebouw in het dorp.
MK is de broer van mijn ‘vader’ en de directeur van de school. Hij is erg vriendelijk en praat veel in best wel goed engels.
Een gemiddelde dag ziet er zo uit:
- vroeg opstaan (6.30) en chia drinken in de keuken ( chai maar dan in het Nepali)
- ontbijt om 8.00 uur (meestal gewoon rijst met groente, als ik geluk heb roti met groente)
- bergafwaarts naar school lopen met Neekosh. Eerste kwartier door de jungle (zo noemen zij het ook) en tweede kwartier door de terrassen (landbouw) en het dorpje. Alle kinderen zeggen ‘goodmorning miss’ als ze me zien.
- Assembly om 9.15: alle kids staan in rijtjes op het plein en zingen een gebed en het volkslied.
- 4 Lessen van 50 min: ik geef engelse grammatica aan klas 2 tm 5 (7 tm 13 jaar) ik heb 56 leerlingen.
- Na mij lessen begin ik aan de klim naar boven, dat is best wel zwaar. Eenmaal boven ga ik de lessen voor de volgende dag voorbereiden. Om half 5 begint het te schemeren en om half 6 is het pikdonker. Om 6 uur eten we in de keuken en daarna werk ik nog een beetje in mn kamer of ga ik naar bed. Soms slaap ik al om 19.30, maar nooit later dan 21.30.

De kinderen van de sunrise academy zijn heel lief, gedisciplineerd en geinteresseerd. Ze doen bijna alles in koor, staan op als ze de beurt krijgen en gaan pas weer zitten als je ze daar de opdracht toe geeft. Hun engels is verrassend goed, als ze langzaam genoeg praten kan ik hun accent meestal wel verstaan. Alleen klas 4 heeft veel moeitje met engels. Het gebouw is eigenlijk best wel primitief, maar daar was ik snel aan gewend. Hopelijk kan ik binnenkort foto’s laten zien.
De tweede dag wachtte me een verrassing: er was een andere Nederlander in het dorp! Hij heette Gerben, kwam ook uit Amsterdam (wat is de wereld toch klein) en kwam een weekje lesgeven op de school. Ik vond het erg leuk dat hij er was omdat je met een medevreemdeling toch andere gesprekken hebt dan met de locals. Hij leerde me veel over Sikkim en samen konden we ons verbazen over alles wat we tegenkwamen. Helaas is hij zaterdag weer vertrokken.
Woensdagavond heb ik iets verschrikkelijks meegemaakt. Ik kwam terug van het toilet en begon mijn pyama aan te trekkken toen ik een reusachtige spin op de muur van mn kamertje zag zitten (nee echt gigantisch, 10 cm lang en hartstikke dik). Ik wilde meteen iemand gaan halen maar het beest begon te lopen. Je kon zn poten horen tikken! Toen dacht ik: als ik nu naar buiten ga vind ik m straks nergens meer terug. Dus heb ik mn waterfles gepakt en twee dappere pogingen gedaan het monster te pletten. Maar hij was zo snel! Toen ben ik in paniek naar mn familie gerend die het maar wat komisch vond dat er weer een westerling bang was voor spinnen. “dat zijn de allemaal, vooral de meisjes” zei Gozen. Hij ging de spin voor me zoeken maar vond m niet. Ik was zo in paniek dat ik niet meer in mn eigen kamer durfde. Dus hij bood me zijn kamer aan. Zooooo lief! De volgende dag heb ik tape gekocht en heb ik alle gaten in mn muur dicht gemaakt zodat er geen spinnen meer naar binnen kunnen :-)

Dit heb ik een eeuw geleden geschreven en dinsdag een poging gedaan het te posten maar dat is blijkbaar niet gelukt. Inmiddels heb ik al veel meer meegemaakt dus de eerstvolgende keer dat ik weer internet heb horen jullie meer ;-)

 

Nog vijf uur te gaan…

Lieve allemaal,

Morgen om 4.00 uur stap ik in een taxi opweg naar een groots avontuur: mijn reis naar India.

Jullie hebben mijn plannen allemaal al 1001 keer gehoord, maarja ik vertel ze zo graag dus hier komen ze nog een keer: Eerst ga ik een maand vrijwilligerswerk doen in een klein bergdorpje Begha in de deelstaat Sikkim (klein stukje India, ingeklemt tussen Nepal, Tibet en Bhutan). Daar zal ik vier uur per dag Engelse les geven aan de kinderen van het kleine schooltje ‘Sunrise Academy’. Op de zaterdagen heb ik de gelegenheid projecten met de kinderen te doen. Ik ben van plan theater met ze te maken en daar heb ik onwijs veel zin in! Ik ga proberen het resultaat voor jullie te filmen. Deze maand zal ik waarschijnlijk bij een familie in huis komen wonen en kan ik het leven van de mensen in het dorp dus van heel dichtbij meemaken en er aan deelnemen. Ik ben heel benieuwd naar het dagelijks leven in zo’n klein afgelegen dorpje midden in de bergen!

Na deze maand (vanaf ongeveer 16 december) ga ik een rondreis maken door India. In de bijlage bij deze post vinden jullie als het goed is een powerpoint presentatie India met foto’s van de plaatsen die ik wil bezoeken. Maar… India is een land vol verrassingen dus het staat verre van vast dat ik dit plan ook echt zo ga uitvoeren.

Uiteraard wil ik jullie graag op de hoogte houden van mijn belevenissen. Dat ga ik proberen te doen via dit blog en mijn leukste foto’s zal ik op flickr posten (vul in het zoekschermpje op flickr.com in ‘roosinindia’, klik op search, en dan op ‘people’ dat je boven het zoekbalkje ziet verschijnen). Ik vrees dat Ik de eerste maand niet zo veel zal kunnen posten omdat de electriciteit in Begha niet altijd even goed is. Daarna gaat het me vast wel lukken mijn avonturen regelmatig met jullie te delen.

Namasté!

Roos